Volgens BLGG is meer dan vijftig procent van de graskuilen kwalitatief ondermaats (minder dan 900 VEM). Dit wordt deels veroorzaakt doordat er sinds de invoering van derogatie in 2006 met name op zandgrond veel minder herinzaai plaatsvindt. ForFarmers onderzoekt nu of doorzaaien het alternatief is om de kwaliteit van de grasmat langer op een goed niveau te houden en het moment van herinzaaien uit te stellen.
Via doorzaaien kunnen open plekken in de zoden worden hersteld. De kwaliteit van de grasmat blijft langer op een goed niveau en het herinzaaien kan zodoende uitgesteld worden. Daarom adviseert ForFarmers om vaker te kiezen voor doorzaaien als onderhoudsmaatregel. Er is in Nederland alleen geen onderzoek voorhanden waarin het effect van doorzaaien wordt aangetoond. Daarom is ForFarmers in 2011 gestart met een (minimaal) driejarige proef, om een indicatie te krijgen van het effect van doorzaaien op de middellange termijn.
“Proef doorzaaien in bestaand grasland”
De proef is aangelegd op twee veehouderijbedrijven. Beide proeven liggen op zandgrond, de ene op droge, de andere op natte zandgrond. In de proefopzet is het mengsel Extra Smakelijk gebruikt. Extra Smakelijk is in vier varianten toegepast: als onbehandeld zaaizaad en als Iseed mengsel, in een hoeveelheid van 15 kg per hectare en een hoeveelheid van 30 kg per hectare. In de proef is gewerkt met de doorzaaimachine GrassProfi van Evers Agro.
Wanneer uit deze proef blijkt dat het aandeel gewenste grassen over meerdere jaren hoger blijft met doorzaaien als frequent uitgevoerde onderhoudsmaatregel, dan krijgt doorzaaien een belangrijkere rol binnen het graslandmanagement. Met gewenste grassen worden grassoorten bedoeld, die voldoende drogestofopbrengst en voederwaarde leveren, zodat er graskuilen met meer dan 900 VEM worden gerealiseerd.