Zoeken
For the Future of Farming
NOVA Ontwikkeld voor het levenFerm4FarmHet leven begint met VidaAgroscoop

22-01-2014

Minimumventilatie in de winter

Minimumventilatie heeft als belangrijkste doel vochtproblemen in de stal voorkomen, vieze gassen afvoeren en verse lucht, ofwel zuurstof, aanvoeren.

Normaal gesproken ontstaan vochtproblemen als het CO2-gehalte in de stal boven 3000 à 3500 ppm komt. Als het vriest is de relatieve luchtvochtigheid buiten lager dan normaal. Doordat tijdens een vorstperiode de ventilatielucht in de stal meer graden opwarmt dan gebruikelijk, kan de ventilatielucht ook meer vocht opnemen.

Dit gegeven maakt het mogelijk om tijdens een vorstperiode de minimumventilatie met ongeveer 25% à 30% te verlagen (dus 10% kan verlaagd worden naar 7%) zonder dat er in de stal vochtproblemen ontstaan. Het CO2-gehalte loopt dan wel op naar 4000 à 4500 ppm, maar dit geeft in de stal geen problemen. Het voordeel van een lagere minimumventilatie tijdens een vorstperiode is natuurlijk dat de stallen gemakkelijker op temperatuur blijven.

De gemakkelijkste manier om minimumventilatie tijdelijk aan te passen is via een curvecorrectie op de minimumventilatiecurve. Als de temperaturen weer boven nul komen, moet de curvecorrectie op de minimumventilatie uiteraard wel weer verwijderd worden, anders zullen er zeker problemen met vocht gaan ontstaan.

(Bron: FarmConsult, Jan van den Brink, klimaatspecialist)