Cookies Wij gebruiken cookies om de website optimaal te laten functioneren en om in te spelen op de informatiebehoefte van onze bezoekers. Door gebruik te maken van onze website stemt u in met het plaatsen van cookies. Lees meer hierover in onze privacy- en cookieverklaring.
Waar ben je naar op zoek?
Nieuws, kennis en advies

Graslandmanagement: waar moet u op letten voor de tweede helft van het groeiseizoen?

Seizoensnieuws Seizoensnieuws20-7-2018

Altijd weer een zorg minder als de eerste snedes, hopelijk succesvol, zijn binnengehaald. Maar meteen daarna komt de vraag wat u de rest van het jaar nog met uw grasland gaat doen? ForFarmers zet de belangrijkste tips voor de tweede helft van het groeiseizoen voor u op een rij.

1

Tip 1: Geef geen dierlijke mest vanaf de zomer

Los van de vraag hoeveel mest u nog heeft, is het sterk af te raden om dierlijke mest toe te dienen vanaf juli en zeker vanaf augustus. De nawerking van stikstof uit dierlijke mest is lang, waardoor er in het najaar veel meer grasgroei optreedt dan u lief is. Heeft u nog ruimte om kunstmeststikstof te strooien? Verdeel deze dan zo optimaal mogelijk, om zo onder andere roestvorming te voorkomen.

 

2

Tip 2: Goede vochthuishouding: controleer het kaligehalte

Het kaligehalte van uw bodem is echt een belangrijk aandachtspunt. Kali reguleert de vochthuishouding van de plant en stimuleert de sapstroom, waardoor de plant gezonder en vitaler blijft. U kunt dit gehalte checken door op uw kuiluitslagen te controleren of het kaligetal tussen de 25 en 35 ligt. Ligt het getal onder de 25? Dan heeft de bodem te weinig kali aan het gewas kunnen leveren en is kalibemesting noodzakelijk. Doe voor de zekerheid een dubbelcheck aan de hand van een bodemanalyse. Bemesten kan met specifiek ontwikkelde GroGrass meststoffen die voorzien zijn van zowel stikstof als Kali. Uiteraard kan het ook met Kali60.

3

Tip 3: Doorzaaien, vernieuwen of toch niets doen? Hanteer de stelregel

Wat u moet doen, hangt sterk af van het percentage goede grassen, zoals Engels raaigras, timothee en veldbeemd op het perceel. ForFarmers hanteert de volgende stelregel: bij meer dan 80% goede grassen is ingrijpen niet nodig, tussen de 60% en 80% is doorzaaien de beste maatregel en bij minder dan 60% goede grassen is scheuren en vernieuwen de enige goede optie.

4

Tip 4: Houd de pH-waarde op peil

De pH-waarde van de bodem bepaalt de benutting van onder andere stikstof en fosfaat. Met een juiste pH-waarde zorgt u er dus voor dat alle nutriënten optimaal worden benut. De pH-streefwaarde voor zandgrond is circa 5,5 pH en voor kleigrond circa 6,5 pH. Is de gemeten waarde bijvoorbeeld 4,8 in plaats van de streefwaarde 5,5, dan kan de grasopbrengst gemakkelijk met 10% dalen. Bekalken is dé manier om de pH op peil te brengen en te houden. Kalk zorgt niet alleen voor een goede opname van meststoffen, maar stimuleert tegelijkertijd het bodemleven en verbetert de bodemstructuur.

5

Tip 5: Bespaar nooit op kwaliteit van de grasmengsels

Na de zorg voor de bodem, komt het inzaaien. Het verschil tussen een goed of matig mengsel komt neer op een paar tientjes per hectare, terwijl de opbrengstverschillen tussen rassen meer dan 10% kunnen bedragen. Die extra kosten per hectare heb je vaak al met één snede terugverdiend door een veel betere opbrengst en kwaliteit. Alle rassen in de grassenmengsels van ForFarmers hebben minimaal een 8 voor kroonroestresistentie en behoren tot de top van de drogestofopbrengst. 

6

Tip 6: Verhoog het organische stofgehalte

Voldoende organische stof is naast een juiste bodem pH, van groot belang. Dit bindt en levert nutriënten aan het gewas, houdt vocht vast, verbetert de bodemstructuur en de waterregulatie, bevordert het bodemleven, zorgt voor betere worteling en levert ten slotte ook nog koolstof. Indien u uw grasland vernieuwt, heeft u uitstekende mogelijkheden het organische stofgehalte van de bodem te verhogen. Naast rundveedrijfmest, is compost de ideale meststof om de organische stof in de bodem een impuls te geven. Compost bevat veel effectieve organische stof en snel beschikbare kali en fosfaat die de wortelontwikkeling stimuleren.